11 december 2009

Hofnar Jort op de Miljonairfair

Sinds het vertrek van Govert van Brakel bij Radio 1 is mijn favoriete radioprogramma op vrijdagmiddag onderweg naar huis de "fridaymove" op BNR.

Vanmiddag was de uitzending live vanaf de miljonairfair in de RAI. Ongetwijfeld bevinden zich op deze extravagante ( wellicht ordinaire) glitter en glamour fair veel BNR luisteraars. Een korte blik op de site van de fair geven je al zeer onbestendige gevoelens. Veel walgelijk opzichtige e potsierlijke BN-ers en buitenissigheden zonder inhoud.

Oud Quote-hoofdredacteur en fervent miljonairfairbezoeker Mr. J.P.W. Kelder was vanmiddag één van de stamgasten in de fridaymove van BNR.
Samen met buitenlandcommentator Bernard Hammelburg sprak Jort onder andere over Obama, Ella Vogelaar en het huidige politieke klimaat.


VVD-er Jort Kelder (het enige linkse aan hem is dat als hij vegetariër leeft) deed vanmiddag wat mooie uitspraken die ik -vrij weergegeven- graag met u deel.

"We zijn vaak te hard voor politici", Op de vraag waarom hij enkele jaren geleden Ella Vogelaar zo hard en persoonlijk aanviel zei Jort: "Omdat zij aantoonbaar incompetent is en alleen door Wouter Bos naar voren was gehaald omdat ze vrouw is".

Verder is Jort van mening dat we veel te veel van politici verwachten en met name van zwarten (Obama). Dat men juist zoveel van zwarten in de politiek verwacht "komt voort uit pure zelfhaat".

Zo zien we maar weer, zelfs op een extravagant rijkeluisfeestje kunnen wijze dingen worden geconcludeerd.

Zelf ziet Jort zich als de Hofnar die alles vanaf de zijlijn kan en mag becommentariëren. Hij heeft een hekel aan carrièrejagende politici en zegt daarom "dat men niet lang genoeg kan wachten om de politiek in te gaan".
Mensen die iets gemaakt hebben van hun leven moeten na hun 50e, als ze hun zaakjes voor elkaar hebben, uit maatschappelijke verantwoordelijkheid nog een aantal jaren de politiek in volgens de BN-er. "Van het linkse zootje slapzakken wat er nu zit wordt het land ook niet beter".

Jort zegt van het debat te houden, het leuk te vinden om te polariseren en is niet, zoals velen denken, een verwend jochie uit het Gooi. Hij zegt met trotske stem "Ik ben een zoon van een zeeman en ben Calvinistisch opgevoed". Ik hoorde vanmiddag Jort zeggen dat "je je moet gedragen, zeggen wat je zelf vind en niet anderen naar de mond moet praten". Een mooie combinatie op deze donkere vrijdagmiddag.

10 december 2009

Liever Paaps dan Turks

De heilige Nicolaas van Myra is weer naar Spanje vertrokken.
We hebben allemaal weer een gezellig avondje van Sinterklaas achter de rug. Hollandser en gezelliger kan het toch niet? Sinterklaasavond!
Blijde kinderkopjes, leuke surprises én scherpe gedichten (je mag deze ene avond in het jaar je geliefde een beetje voor gek zetten), boterletter en natuurlijk cadeautjes.
Belangrijk is dat het vooral gezellig is en dat heeft niets te maken met grote en dure cadeaus. Mensen die vanwege de vercommercialisering uit principe geen Sinterklaas vieren ontzeggen hun gezin iets moois en traditioneels. Ook voor volwassenen blijft het een traditionele gezelligheidsavond.
Of het Sinterklaasfeest commercieel is bepaal je echter zelf.
Een quota van het aantal cadeaus én de prijzen van de cadeaus leren jezelf en je kinderen dat liefde en gezelligheid niet in de grootsheid van het geschenk ligt.

In orthodox protestante kringen wordt al decennialang divers gedacht over de viering van dit katholieke bisschopsfeest. Sommigen vieren het onder de naam "pakjesavond". Alles wat maar een beetje Paaps was moest buiten de deur worden gehouden. In de 80-jarige oorlog riepen de geuzen toch al niet voor niets: "Liever Turks dan paaps". Ook de oprichter van de Staatkundig Gereformeerde Partij, ds. G.H. Kersten, was een hardvochtig strijder tegen de paapse overheersing. "katholieken streden allen in het leger van de Paus en Rome was onze vijand van de dagen onzer landsgeboorte".
In 1925 viel zelfs het kabinet doordat de SGP (gesteund door de CHU!) een amendement indiende voor afschaffing van het Nederlandse gezantschap bij het Vaticaan. De beruchte nacht is als de "nacht van Kersten" de geschiedenis ingegaan.
Met recht dus : "Liever Turks dan Paaps".

Ik herinner me nu ook het verhaal weer van mijn opa, een Godvruchtige SGP-er die ik helaas nooit gekend heb, die in de jaren '30 op 5 december een zwarte handschoen aandeed en door een kier van de deur pepernoten strooide, alsof zwarte piet himself achter de deur stond. (over humor en katholieke breedte met een knipoog gesproken..)

In de loop der jaren kwam de strijd voor de protestanten op andere fronten te liggen. En anno 2009 is de leuze 180 graden gedraaid.
De SGP-leuze is nu (terecht denk ik) Liever Paaps dan Turks.

SGP Tweede Kamerlid Kees van der Staaij toonde dit dubbel en dwars binnen één week aan op zijn blog.

Op 4 december blogde hij uitgebreid over zijn minarettenmotie.

En op 5 december publiceert Van der Staaij een prachtig Sinterklaasgedicht inclusief tekening van neefje Arian. Hij krijgt steun van de heilige Nicolaas, die zich tegelijkertijd beklaagd over het feit dat hij het kruis op zijn mijter dreigt kwijt te raken. Deze publicatie laat ons zien dat Van der Staay een gezellige familiaire Sinterklaasavond heeft beleefd én dat hij steun vanuit Roomse hoek wel kan waarderen.

Nu de CU worstelt met de toelating van behoudende Rooms Katholieken liggen er kansen voor de SGP.

Misschien dat Conservatieve Roomse broeders en zusters (waarvan sommigen blijkens ingezonden brieven in het Katholiek Nieuwsblad verlangen naar een nieuwe KVP) middels een goed Sint Nicolaasgedicht in 2010 kunnen aansluiten bij de SGP.

5 december 2009

Wilders’ broer laten leeglopen en denken dat het helpt

Wekelijkse column van Jan van Klinken
(zou Jan zijn schoen ooit moeten opeten?)


Het is zeker twintig jaar geleden dat iemand me vertelde over de rauwe racistische taal die in schaftketen werd uitgeslagen. De man verkeerde dagelijks op bouwlocaties in de grote steden en wat hij er hoorde, was niet voor herhaling vatbaar. Vooral Turken moesten het ontgelden.

In eerste instantie begreep ik er niets van. Bij ons in de buurt had je een vrij grote Turkse gemeenschap maar die mensen deden geen vlieg kwaad. Met de criminaliteit was het in ons stadje niet slechter gesteld dan elders en in het dagelijks leven merkte je eigenlijk weinig van deze allochtonen. Nou ja, je zag overal oudere vrouwen met hoofddoeken, maar hun aanwezigheid in het straatbeeld kon toch geen reden zijn om zo hatelijk te doen?

Het kwartje viel pas veel later. Tijdens een reportage in een Rotterdamse volkswijk kwam plotseling een oude bekende op me af die hier een tabakswinkel bleek te runnen. Voor de aankoop had hij diep in de beurs moeten tasten, maar hij had er nog steeds geen dag spijt van. Hij dreef een bloeiende nering.

Vijf jaar daarna sprak ik hem weer. Hij had het helemaal gehad met Rotterdam. De buurt was volledig verkleurd en inbraken waren aan de orde van de dag. Hij had zijn winkel veranderd in een vesting, maar dat had niet kunnen verhinderen dat hij tot twee keer toe was beroofd. Een keer ’s nachts maar ook een keer overdag. Toen stond er plotseling een man met een mes tegenover hem. Dat was de druppel die zijn emmer deed overlopen. Voor een schijntje van wat zijn zaak ooit waard was, deed hij zijn toko van de hand. Hij kweekt nu bomen, ergens op Flakkee.

Het kost niet veel moeite om te bedenken dat veel andere autochtone bewoners van die buurt hetzelfde lot heeft getroffen. Ooit woonden ze in een gezellige volkswijk waar iedereen iedereen kende. Je deed de boodschappen bij de slager op de hoek en met de buren dronk je op warme zomeravonden achter op het terras een biertje. Toen kwamen de allochtonen en was op zeker moment de buurt niet meer van jou. Het werd steeds gekker. Je voelde je op het laatst een vreemde in je eigen straat, zeker nadat er aan het pleintje achter je huis een moskee met torenhoge minaretten was verschenen. Op een dag nam je een resoluut besluit: inpakken en wegwezen. Voor een zacht prijsje verkocht je je huisje aan een Turk of Marokkaan. Je was blij dat je weg was.

Overdag was je werkzaam bij een renovatieproject elders in de stad. Vanaf de steigers had je zicht op precies zo’n buurt als waar je zelf had gewoond en het viel je steeds meer op dat er overdag zo veel mannen op straat liepen. Moesten die niet werken? Waarom stond jij de hele dag te buffelen en liepen die gasten de hele dag te nietsnutten? En waar leefden ze van? Hielden die allemaal de hand op? En ging het dan aan de bijstandloketten zo van: U vraagt en wij draaien? Maar dat was dan wel mooi van jouw centen.

Er is weinig fantasie voor nodig welke gesprekken zich onder die omstandigheden vervolgens tijdens de schaft ontwikkelden. En zo zijn we weer terug bij het begin. Daarmee wil ik die racistische taal niet goedpraten, maar wel aangeven dat het verschijnsel niet uit de lucht kwam vallen.

Hoe het verder ging, is bekend. In het openbaar benoemen wat er gaande was in de oude wijken was niet toegestaan. De gevestigde politieke partijen hielden zich in het gunstigste geval Oost-Indisch doof maar als je het slecht trof, werd je geïsoleerd. Bolkestein kan erover meepraten. Als voorman van de VVD voorspelde hij begin jaren negentig dat er een reusachtig integratieprobleem op ons afkwam. Het scheelde dat Bolkestein verder een nette man was, anders zou hij integraal in de Hofvijver zijn gesmeten. Want de politieke elite woonde niet in volksbuurten en zei gemakshalve dat je aan vreemdelingenhaat leed als je zulke dingen zei. Dan waren ze mooi van dat probleem af.


Het waren Fortuyn en vervolgens Wilders die de integratiekwestie op de agenda zetten. Zij vertolkten de gevoelens die al jarenlang in schaftketen en horecagelegenheden werden geventileerd. Daarbij kwam dat de ellende niet beperkt was gebleven tot verkleuring van wijken en wat extra roofovervalletjes. Bolkestein had helemaal gelijk gekregen. Allochtonen voerden alle verkeerde rijtjes, zo moesten zelfs ministers toegeven. Arbeidsongeschiktheid, werkloosheid, schoolverzuim, verblijf in gevangenissen, noem maar op.

Sinds Wilders volgens de opiniepeilingen afstevent op een enorme stembusoverwinning zie je dat er overal paniek uitbreekt. Alles wordt uit de kast gehaald om het blonde gevaar te bezweren. Ik heb het de laatste tijd een beetje bijgehouden. Werkelijk ongekend, wat er wordt gepubliceerd en uitgezonden. En het houdt niet op. Het is bijna vermakelijk. Altijd moest de onvrede onder de pet blijven en nu er geen houden meer aan is, wordt alles geprobeerd om de nationale vertolker van het ongenoegen een kopje kleiner te maken. Figuurlijk, dat gelukkig wel. Dat ze denken dat dat helpt, vind ik nog het aandoenlijkst aan al die tegenacties.

De kroon wordt gespannen door het duo Pauw & Witteman, dat iedere avond bijna een uur zendtijd op Nederland 1 mag vullen en daar ook nog vorstelijk voor wordt beloond. Als de linkse kerk een synode zou hebben, zaten deze twee vast en zeker in het moderamen. Pas lieten ze de broer van Wilders leeglopen. Natuurlijk vond hij Geert een waardeloze rechtse bal. Anders zou hij als gast voor hun programma niet interessant zijn geweest. Uitgebreid mocht hij op de buis afgeven op de verminkte geest die in de PVV-leider zou huizen.

Ik kan niet in de ziel kijken van de kiezers van Wilders, maar ik eet mijn schoenen op als zij zich zouden laten leiden door zijn linkse broer of door het duo P&W. Eerder zal al die aandacht hun slechts bevestigen in hun keuze. Hoe doorzichtiger de capriolen, des te groter het wantrouwen. Zo gaat dat als mensen decennialang niet serieus zijn genomen.

4-12-2009 Jan van Klinken

Volgers