23 maart 2011

Frank Furedi en Micha de Winter hebben gelijk

De Britse socioloog én toonaangevende linkse intellectueel Frank Furedi heeft het bij het rechte eind.
Zijn boek “De terugkeer van het gezag. Waarom kinderen niets meer leren”, moet ik nog bij mijn boekhandel ophalen. Maar het interview in het Katholiek Nieuwsblad van afgelopen week geeft mij genoeg redenen het met deze man eens te zijn.Frank Furedi

“Onderwijs is het veiligstellen van de erfenis van het verleden. En wel op een manier die je niet noodzakelijk voorstaat in het openbare leven, waar je veel meer open moet zijn voor innovatie, nieuwe ideeën en het radicaal in twijfel trekken van de dingen."
Het laatste deel van deze stelling mag je als “progressief” beoordelen.
Maar in onderwijsland en in de pedagogiek wordt het misschien wel eens tijd voor het radicaal afzweren van een aantal door de jaren gegroeide misverstanden.
En naar het enorme aantal “rugzakleerlingen” moet mijns inziens op een –voor deze tijd- vernieuwende wijze worden gekeken. Door rond deze thema’s progressief te werk te gaan kunnen we misschien terugkomen bij een conservatieve interpretatie van gezag, opvoeding en onderwijs.

Zomaar wat citaten uit het interview met Furedi;

“Volwassenen slagen er niet in hun rol serieus te nemen. Dat is weer verbonden met het feit dat we er cultureel niet in slagen onze erfenis van menselijke prestaties serieus te nemen. Of je nu leraar bent of ouder, het idee dat je iets belangrijks te melden hebt aan jonge mensen wordt gezien als niet meer zo relevant."

"De oorzaak van dit misverstand is het idee dat naarmate de wereld verandert, kennis van het verleden minder relevant schijnt. De obsessie met nieuwheid leidt tot de devaluatie van wat we in het verleden tot stand hebben gebracht."

Zijn ervaringen met het medicaliseren van leerproblemen liegt er ook niet om. En juist ook hierin val ik Furedi van harte bij. Met 3 kinderen op het basisonderwijs, waarvan één in groep 8, hoor je wel eens wat. Gelukkig ervaren en horen wij, als ouders, veel positieve verhalen van onze kinderen over school, henzelf, vriendjes en vriendinnetjes. Echter soms wordt je ook geconfronteerd met situaties en verhalen die je minder goed doen stemmen.

Situaties, waarin ik mij toch stellig afvraag of er nog respect is voor de meester en de juf (hoe gebrekkig zij ook kunnen zijn in hun taak). Of dat ouders per definitie hun kinderen geloven en met de vinger al snel naar “de school” of “de meester”wijzen.
Sterker nog; waar aan tafel in het bijzijn van de kinderen leerkrachten of andere gezagsdragers door het slijk worden gehaald.
Situaties dat ik denk: “heeft tegenwoordig elk kind ADHD of zo?” , “zijn er nog normale gezinnen in deze samenleving?”

Onlangs vertelde de directeur van de basisschool mij dat er een cartoon in onderwijsland rond gaat waarin een kind hard staat de huilen en zegt: “iedereen heeft wat, maar ik niet…..”

De opvoeding thuis en cultuur-en kennisoverdracht in het onderwijs gaan kapot aan de medicalisering en psychologisering van onderwijsvormen en bijbehorende leerproblemen.

Over medicalisering van leerproblemen zegt Furedi het volgende: “Er is een groeiend domein van extra begeleiding. In sommige scholen die ik bezocht heb, had één op de drie kinderen een medicatie. Het behandelen van al die leerproblemen is vaak een manier om te ontkomen aan het echte probleem: hoe je kinderen onderwijst, hoe je hen zover krijgt dat ze naar je luisteren, hoe je op hun verbeelding werkt. In plaats daarvan krijg je medische interventies.
Ik geef de schuld niet aan de onderwijzers. Het centrale probleem is de pedagogie, de onderwijstheorie, die beheerst wordt door de doelstelling kinderen te motiveren. Kijk, motiveren is vreselijk belangrijk, maar het roept logisch een voorafgaande vraag op. Namelijk: waarmee? Ik vind dat we de inhoud te weinig serieus nemen. In plaats daarvan gaan we het zoeken in pedagogische trucjes, alsof kinderen hondjes op twee benen zijn.
Motivatie komt voort uit goed intellectueel onderwijs, het is geen vaardigheid die daarvan los kan staan."


Gisteren (22-03) gaf hoogleraar pedagogiek Micha de Winter in De Volkskrant ook een prachtige impressie van de medicalisering en ADHD.

Citaat: 'De overheid haalt steeds meer uit de kast om individuele risicogevallen op te sporen. ‘Bij sommige programma’s worden alle schoolkinderen gescreend op psychische problemen. Als je hoog scoort op zo’n testje, kun je op assertiviteits- of faalangsttraining worden gestuurd. Of de ouders moeten op opvoedingscursus. En dat alles zonder dat een diagnose is gesteld, alleen op basis van een simpele screening’, zegt De Winter. Wie zich hiertegen verzet, is meteen verdacht. ‘Ik hoorde laatst het verhaal van een moeder wier zoontje ADHD zou hebben. Toen ze tegen de leerkracht zei dat jongetjes van 7 soms een beetje druk zijn, stond ze meteen in het dossier als een zorgmijdende moeder.’ Micha de winter

Volgens deze hoogleraar heeft slechts 1 op de 10 kinderen met ADHD een echte stoornis.En zijn de andere 9 een verzinsel van onzekere ouders en leerkrachten. Dit zou het gevolg zijn van de individualisering van de maatschappij waarbij gezamenlijke verantwoordelijkheid voor het welzijn van kinderen verleden tijd is. Ouders komen daardoor te veel alleen te staan en schieten in een opvoedingskramp als het even anders gaat met hun kind.

“Als je zegt dat een kind een stoornis heeft, hoef je niet meer zo sterk naar je eigen rol als ouder of leerkracht te kijken. Je ontslaat jezelf van verantwoordelijkheid", aldus De Winter.

En weet u niet wat er allemaal voor stoornissen zijn? Kijk dan op deze website balansdigitaal.nl

Om, als u het zelf nog niet heeft, spontaan ADHD van te krijgen!

Over de gezagscrisis een andere keer meer. (na het lezen van het boek van Furedi)


12 maart 2011

Bidden voor vervaarlijke opponent

De column van Jan van Klinken van vandaag

12-03-2011 08:52 | Jan van Klinken

Je ontkent het bestaan van God op de meest brute wijze, je haat alles wat naar religie zweemt tot in de haarvaten van je bestaan, je vindt het je levenstaak een verzengende strijd aan te binden met het christendom, het jodendom en de islam. En dan krijg je kanker. Slokdarmkanker nog wel. Je staat oog in oog met de dood.

Word je dan milder? Beperk je je tot de dingen die er echt toe doen in het leven? Of tuimel je misschien zelfs in een peilloos diep gat, zodat je alles uit je handen laat vallen?

Niet alzo de Amerikaanse schrijver Christopher Hitchens. Als godloochenaar is hij in de VS zowel gevierd als gevreesd. Medestanders bewieroken hem vanwege zijn gave een miljoenenpubliek aan zich te binden, zijn belangrijkste tegenstanders, christenen, verafschuwen de nietsontziende wijze waarmee hij alles wat hun dierbaar is dwaas en verachtelijk probeert te maken.

Hitchens beschouwt zichzelf niet in de eerste plaats als atheïst. Hij vindt die term ontoereikend. Want atheïsme betekent alleen maar dat je het bestaan van God ontkent. Je zou atheïst kunnen zijn en tegelijk de idee van een opperwezen dat alles heeft geschapen en alles bestuurt wel sympathiek vinden. Om iedere gedachte in die richting uit te sluiten, noemt Hitchens zichzelf een ”antitheïst”. Dat gaat dus nog een stapje verder. God bestaat niet, maar mag ook niet bestaan. Als Hij wel bestond, zou Hij almachtig zijn. Dat zou ronduit verschrikkelijk zijn want dan waren we overgeleverd aan een despoot, een tiran.

Zoals gezegd gruwen Amerikaanse christenen van deze man. Omdat hij vaak in het nieuws is vanwege zijn provocaties en zijn charisma proberen ze het nodige tegengas te geven. Er zijn zodoende al heel wat publicaties aan hem gewijd. Die zijn soms pittig getoonzet.

Maar nu hij kanker heeft, staan zijn opponenten voor een dilemma. Moeten ze doorgaan met hem te vuur en te zwaard te bestrijden? Kunnen ze aanvoeren dat zijn ziekte op zijn minst een vingerwijzing van hogerhand is? Of zullen ze juist nu voor hem in gebed gaan? En zo ja, mogen ze dan bidden om genezing, of dienen ze vooral te vragen of hij in de laatste fase van zijn leven tot inkeer komt?

Het laat zich aanzien dat de stroming die vindt dat je om zijn bekering moet bidden verreweg de overhand heeft. Het gaat boven alles om het heil van zijn ziel, om zijn toekomstige bestemming. Er is zelfs een gebedsdag voor Hitchens uitgeroepen.

Ik moet zeggen dat die oproep me wel wat deed. Volgens mij hebben onze geloofsgenoten aan de andere kant van de oceaan de Bijbel op dit punt heel goed begrepen. Christenen krijgen daarin immers mee dat iemand je wel zware slagen kunt toebrengen, maar dat dan zelfverloochening past, en niet wraakzucht.

Enkele weken geleden was ik toehoorder in het inmiddels roemruchte Conservatief Café (zie 3e foto op 3e rij van voren met bril zit Jan van Klinken aandachtig te luisteren /WCB) in Gouda, waar de gestaalde arabist Hans Jansen zijn talrijke gehoor bijbracht hoe perfide de wereld van de islam in elkaar steekt. Hij toonde overtuigend aan dat deze wereldgodsdienst leidt tot een meedogenloos systeem, in de eerste plaats voor de belijders, maar vooral voor degenen die er niets van moeten hebben en al helemaal voor hen die zich ervan afkeren. Het uitoefenen van wraak, het elimineren van tegenstanders, het neersabelen van zondaren –met de zegen van de geestelijkheid is het de taak van alle trouwe aanhangers van de islam. Dat berust niet op de visie van een op hol geslagen imam in de periferie, maar het is het hart, de kern van deze religie.
Hans Jansen, die zelf rooms-katholiek is, zette dat alles af tegen de centrale noties van het christendom. Vandaar dat ik hem en zijn bijdrage aan de avond in Gouda opvoer. Want daarmee zijn we weer terug bij de Amerikaanse christenen die bidden voor een van hun meest vervaarlijke tegenstanders. Geen fatwa’s, geen fysieke bedreigingen, geen kromzwaarden, maar gunnende liefde

Zoiets kan natuurlijk overslaan in zelfgenoegzaamheid en een gevoel van superioriteit. Wat zijn wij weer goed en wat zijn zij toch slecht. Wie die neiging voelt opkomen, verliest uit het oog dat christenen, net als joden, moslims en alle andere mensen op deze wereld, in de praktijk van alle dag het telkens weer hopeloos verprutsen. Neem de seksuele schandalen in de Rooms- Katholieke Kerk of de eindeloze ruzies en kerkscheuringen in protestantse kringen. Nee, er is weinig reden om ons boven wie dan ook verheven te voelen.

Tegelijk is er niets mis mee om te onderstrepen dat de christelijke godsdienst zich op cruciale punten onderscheidt van de islam. Dat mag Hans Jansen van mij gerust hardop doen. En als er dan mensen zijn die dat verschil op indrukwekkende wijze in de praktijk brengen –zoals die Amerikaanse christenen– is er alle reden om dat te signaleren.

Wel zou de vraag kunnen rijzen of we dan niet te soft zijn. Betekent het Amerikaanse voorbeeld wellicht een aansporing voor christenen om zich als watjes te gedragen? Moeten we soms ook niet gewoon onze vuist laten zien? Boeiende vraag, waarover een volgende keer meer.

10 maart 2011

(On)opvallend -Uit het Spoor-

Vorige week bereikte mij een zorgelijk, doch niet geheel verbazingwekkend, bericht.

De zoon van een "In het Spoorman", die voor de eerste maal de gang naar de stembus mocht maken stemde #uitovertuiging PVV. Zwaar "ontspoord" dus.

Er bestaat, voor zover u het niet weet, binnen de uiterst orthodoxe kringen der SGP een Stichting tot Bevordering van de Staatkundig Gereformeerde beginselen.
In deze stichting zijn een aantal mensen verenigd die de leuze "Na Zandt gingen alle beginselen aan de kant" zouden kunnen voeren.
Deze leus voeren ze niet maar ze zijn, zoals hun periodiek heet "In het Spoor" gebleven.
Met name het herziene vrouwenstandpunt, invoering en gebruik van het vrouwenkiesrecht, de samenwerking met de Christenunie en het niet geheel praktisch uitvoeren van artikel 36 van de Nederlandsche geloofsbelijdenis (uitroeien van valsche godsdiensten) zijn de mannenbroeders een doorn in het oog.

Sommige (bestuurs)leden van deze stichting hebben afgelopen jaren hun sympathie voor Geert Wilders niet onder stoelen of banken gestoken.

Al in 2007 zegt Drs. P. H. op ’t Hof, voorzitter van de Landelijke Stichting ter bevordering van de staatkundig gereformeerde beginselen, dat hij op veel praktische punten uit bij standpunten van Wilders: „Soms neem ik mijn petje af voor deze man.” Ook laat Op ’t Hof weten „dat alle goddeloze boeken verboden zouden moeten worden” en dat „elke zuivere mohammedaan die de sharia en de Koran serieus neemt een potentiële terrorist is.”
En op de jaarvergadering 2010 reageerde Op ’t Hof op een vraag hoe de gereformeerde gezindte invulling moet geven aan de strijd tegen de islam. Hij stelde dat „liefde voor de mohammedaan als mens” noodzakelijk is, maar dat dit gepaard moet gaan „met een volstrekte afwijzing van het mohammedanisme” voor wat betreft alle uitingen in het openbare leven. „Het is mij een raadsel waarom de SGP principieel gezien niet voor een verbod op openbare verkoop van de Koran heeft gestemd.” (RefDag)

In 2007 deed Op 't Hof in het Reformatorisch Dagblad enkele uitspraken over SGP-jongeren en liberalen. In gesprek gaan met "andersdenkenden" is not done.
citaat: Als het aan de voorzitter van de stichting ligt, nodigen de SGP-jongeren niet langer andersdenkenden uit voor debatavonden. „Laten ze zich eerst eens verdiepen in de eigen beginselen en de geschiedenis. Ik vraag me regelmatig af waar de kennis is gebleven. Daarom roep ik de SGP-jongeren ertoe op eerst zelf een fundament te bouwen, voordat ze hun oor te luisteren leggen bij liberalen of progressieven.”

Op internet is de doelstelling van de Stichting niet te vinden. Maar zou één van de doelstellingen in hun missie nu echt zijn om hun jongeren (oh nee.. alleen jongens natuurlijk) in de armen van Geert Wilders te drijven?

Dat zal toch niet waar zijn?

De jongelingen van deze club; niet in het spoor maar helaas ontspoord.


En de jongedochters mogen (nog) niet stemmen...

Volgers